
01
Methode volgt de ondergrond
Linoleum, pvc, natuursteen en gietvloer verdragen elk iets anders. Eerst vaststellen wat er ligt, dan pas reinigen.
02
Middelen op zuurgraad gekozen
Te alkalisch tast de lijnolie in linoleum aan, zuur etst kalksteen. De pH hoort bij het vloertype te passen.
03
Machine plus handwerk
De schrobzuigmachine doet het vlak. Randen, hoeken en plinten bereikt hij niet; vraag na hoe dat handwerk in de offerte staat.
De afwerking bepaalt de methode
Het werk begint met vaststellen wat er ligt en hoe het is afgewerkt: dezelfde pvc-vloer vraagt iets anders met een fabrieksmatige toplaag dan met een opgebrachte polymeerlaag.
Linoleum en marmoleum hebben lijnolie als bindmiddel. Sterk alkalische middelen verzepen die olie en laten doffe plekken achter.
Pvc verdraagt neutraal tot licht alkalisch. Oplosmiddelen en scherpe reinigers werken in op weekmakers en toplaag.
Kalkhoudend natuursteen, zoals marmer en kalksteen, reageert op zuur; een zure reiniger etst de glans plaatselijk weg.
Beton is poreus tenzij het is geïmpregneerd of gecoat. Poreus beton neemt vuil op en komt niet terug met meer druk.
Gietvloeren zijn naadloos, maar gevoelig voor krassen en voor middelen die de glansgraad ongelijk maken.
Waarom pH ertoe doet
Vet en organisch vuil lossen op in alkalische middelen, kalk en cementsluier in zure. Daarmee is het risico verklaard: de sterkte die het vuil aanpakt, tast bij de verkeerde vloer het bindmiddel of de toplaag aan. Op de meeste kantoorvloeren is een neutraal middel de veilige keuze. Sterker werk hoort bij een vastgesteld vloertype, een inwerktijd en naspoelen; achtergebleven middel vormt een film die vuil vasthoudt.
Dagelijks, tussentijds en periodiek
Dagelijks onderhoud is stofbinding en vlekken wegnemen; dat houdt schurend zand van de vloer en bepaalt de slijtage. Periodiek dieptereinigen gebeurt met een schrobzuigmachine: de borstel brengt het middel in, de zuigmond haalt het vuile water er in dezelfde beweging weer uit. Randen, hoeken en plinten haalt de machine niet; daar blijft handwerk nodig.
De beschermlaag als slijtlaag
Op linoleum en pvc wordt vaak een beschermlaag aangebracht: dunne polymeerlagen die krassen en vlekken opvangen. Die laag is bedoeld om op te gaan. Zolang er laag ligt, volstaat bijwerken van de loopstroken; is hij doorgelopen tot op de vloer, dan moet de oude opbouw eerst worden verwijderd. Fabrieksmatige pu-toplagen en veel gietvloeren zijn niet op een laag ontworpen.
Natuursteen volgt een eigen route
Kalksteen en marmer laten zich niet met een polymeerlaag beschermen; de glans zit in de steen. Bij kristalliseren vormt een zuurhoudend middel onder wrijving van pad en machine een hardere glanslaag aan het oppervlak. Dat werkt alleen op kalkgebonden steen, niet op graniet of leisteen. Dieper herstel is schuren en polijsten; daarvoor moet de vloer uit gebruik.
Water, naden en antislip
Water is een onderschatte oorzaak van schade. Staand water zoekt de naden op, kruipt onder stroken en tegels en tast de lijmverbinding en de ondervloer aan. Glad wordt een vloer van staand water, achtergebleven zeepfilm of een verkeerd gekozen beschermlaag; afzetten en laten drogen horen bij de uitvoering.
Wat bepaalt de prijs?
–
De oppervlakte, de bereikbaarheid (begane grond, hoogwerker of abseiltechniek), de mate van vervuiling en de frequentie. Periodiek onderhoud is per beurt voordeliger dan een eenmalige beurt. U ontvangt binnen een werkdag een heldere prijsindicatie.
Hoe snel kunnen jullie starten?
+
Zijn jullie gecertificeerd en verzekerd?
+
Werken jullie ook op contractbasis?
+