
01
Advies over de methode
Stralen is niet altijd nodig; welke methode past, hangt af van de ondergrond en wordt in overleg bepaald.
02
Bakhuid zoveel mogelijk heel
Middel en druk worden op de steen afgestemd; is de bakhuid niet te sparen, dan ligt een lichtere methode voor de hand.
03
Middel volgt de ondergrond
De keuze tussen zachte en hardere straalmiddelen volgt uit het materiaal en de aanslag, niet uit de snelheid.
Straalmiddel, korrelgrootte en druk
De uitkomst hangt af van drie dingen: straalmiddel, korrelgrootte en werkdruk. Een hard, hoekig middel snijdt snel maar ruwt de ondergrond op; een zacht en fijn middel werkt trager en oppervlakkiger. Droog stralen met zand of een ander middel dat vrij kristallijn silica bevat, is in Nederland verboden vanwege het silicoserisico. De term zandstralen is blijven hangen, het middel is vervangen. Onderstaande middelen zijn een overzicht van het vak, niet van wat op elk project inzetbaar is.
Aluminiumsilicaat en olivine: hard en hoekig, voor staal en zware verflagen.
Glasgranulaat: hoekig, snijdt verf en coating weg, ruwer profiel.
Glasparels: rond en mild, weinig materiaalverlies, glad eindbeeld.
Natriumbicarbonaat (sodastralen) en calciumcarbonaat: zacht, voor hout en kwetsbaar metselwerk.
Droogijs: laat geen straalmiddel achter, maar schuurt nauwelijks; andere apparatuur dan gritstralen.
Droog stralen of nevelstralen
Droog stralen geeft de meeste stof en de meeste controle. Nevelstralen voegt water toe: dat bindt stof en dempt de agressie, maar maakt het afval nat en brengt vocht in de gevel, ongunstig vlak voor een vorstperiode. Op staal ontstaat vliegroest zodra een nat oppervlak niet meteen wordt doorbehandeld.
De bakhuid van baksteen
Baksteen krijgt tijdens het bakken een dichte buitenlaag: de bakhuid, harder en minder poreus dan de scherf erachter. Wordt die weggestraald, dan ligt de open kern bloot. De gevel zuigt water op, droogt trager, vervuilt sneller en verliest bij vorst-dooiwisselingen materiaal doordat opgenomen water uitzet. Impregneren kan de wateropname daarna beperken, maar brengt de bakhuid niet terug. Voegwerk holt bij te hoge druk uit en moet worden vervangen.
Wanneer stralen past en wanneer niet
Stralen is op zijn plaats bij verf- en coatinglagen die er volledig af moeten, roest op staalconstructies, zware uitgeharde cementsluier en betonresten die chemisch niet meer loskomen, en teer- of bitumenaanslag. Voor algen, mos en atmosferisch vuil is softwash met lage druk bijna altijd beter: dat pakt de begroeiing aan zonder materiaal weg te nemen. Kalkuitbloei en lichte cementsluier laten zich meestal chemisch oplossen. Bij handvormsteen, oude gebakken steen, verweerde natuursteen en zachte kalkmortels is stralen zelden te verdedigen.
Stof, omgeving en monumenten
Oude verflagen kunnen lood of chromaat bevatten, wat om afscherming, opvang en ademhalingsbescherming vraagt. Straalgrit hoort opgevangen te worden, niet in het riool of de beplanting; ramen, kozijnen, ventilatie-inlaten en auto's worden vooraf afgeschermd. Bij een rijks- of gemeentelijk monument is stralen vrijwel altijd omgevingsvergunningplichtig. Ligt het pand in een beschermd stads- of dorpsgezicht zonder zelf monument te zijn, dan kan de gemeente aanvullende eisen stellen; vraag dat vooraf na. Uitgangspunt blijft de lichtst mogelijke methode.
Wat bepaalt de prijs?
–
De oppervlakte, de bereikbaarheid (begane grond, hoogwerker of abseiltechniek), de mate van vervuiling en de frequentie. Periodiek onderhoud is per beurt voordeliger dan een eenmalige beurt. U ontvangt binnen een werkdag een heldere prijsindicatie.
Hoe snel kunnen jullie starten?
+
Zijn jullie gecertificeerd en verzekerd?
+
Werken jullie ook op contractbasis?
+